Het Kadaster wordt 3D

Het kadaster wordt 3D

Het nieuwe station in Delft is uniek in de virtuele wereld: volgende week maandag wordt het gebouw in drie dimensies ingeschreven in het kadaster.

delft_01

Waar steden en dorpen al eeuwenlang in drie dimensies bouwen, is de wereld van het kadaster – de plaats waar wordt vastgelegd wie eigenaar is van het bouwwerk – nog altijd zo plat als een dubbeltje. Vastgoed wordt sinds al sinds de 19de eeuw geregistreerd aan de hand van 2D-percelen. Via het eigendomsrecht wordt de eigenaar daarmee de bezitter van alle constructies die met het perceel verbonden zijn.

De echte wereld is een stuk ingewikkelder. Al eeuwen worden werfkelders onder percelen  gebouwd, parkeergarages, en bovengronds flatgebouwen en wolkenkrabbers. Vaak met andere eigenaren. Om het eigendomsrecht voor deze complexe constructies toch goed vast te leggen, zijn juridische constructies bedacht (zoals het appartementsrecht, opstalrecht, erfpachtrecht).

Maar de bron, de kaarten in het kadaster, bleef hardnekkig tweedimensionaal. delft_02Juridische constructies voor het eigendomsrecht blijken bovendien vaak voor meerdere uitleg vatbaar. Zo werden voor een groot kantoorgebouw aan de Amsterdamse Zuidas alleen de funderingslocaties beschreven. Toen een aantal jaren later een buitenlandse investeerder het gebouw wilde kopen, vroeg men zich daar af of men alleen eigenaar werd van een stel heipalen.

Met 3D-tekeningen zijn dit soort problemen beter te ondervangen.

Station Delft

Het nieuwe station in Delft leende zich goed voor een proefproject met drie dimensies. In het bouwwerk komen rechten van drie partijen bijeen: de spoortunnel en fietsenstalling zijn van ProRail, de stationshal met liften en trappen is van de NS en de gemeente Delft is eigenaar van de grond en het bovenliggende stadskantoor. ‘Het is onmogelijk 2D inzichtelijk te maken wat van wie is’, zegt Jantien Stoter, hoogleraar 3D geo-informatie van de TU Delft en een van de betrokkenen bij het project.

Er zitten meer voordelen aan 3D, zegt Stoter: bijvoorbeeld bij het plannen van een nieuw bouwwerk helpt 3D veel beter te begrijpen wat de impact is op aspecten als zicht, wind, schaduw, geluid, zonne-energie en de ondergrondse infrastructuur.

Een jaar of tien geleden was nog heel erg de vraag: wat is de meerwaarde van 3D? Deze is volgens Stoter nu wel beantwoord. ‘Vandaag de dag maken allerlei domeinen de overstap van 2D-kaarten naar 3D’, zegt Stoter. Maar je ziet ook dat het vaak losse eilandjes blijven, stelt de hoogleraar, terwijl de ontwikkelingen veel sneller zouden gaan als de ene partij kan profiteren van de 3D-data die de ander heeft vergaard.

het kadaster wortelt in de geo-wereld. Die is vaak niet vergelijkbaar met de data die door de bouwwereld worden gebruikt

Een tweede probleem voor een doorbraak is dat elk domein zijn eigen type data kent: het kadaster wortelt in de zogenoemde geo-wereld, waar met kaartinformatie wordt gewerkt. Die is vaak niet vergelijkbaar met de data die door de bouwwereld worden gebruikt. ‘Beide datasystemen bevatten een andere blik op de werkelijkheid en daarmee andere informatie op verschillend detail-niveau’, zegt Stoter. delft_03

De bouwer van een brug moet precies weten waar het betonvlechtwerk zit en waar welke bout komt. Terwijl voor het kadaster alleen de maten van grotere delen van belang zijn. Er is dus sprake van een andere nauwkeurigheid, zegt Stoter. ‘De grote vraag is hoe je ruimtelijke data slim bij elkaar brengt.’
Dat klinkt makkelijker dan het is. Het boutje van het kozijn hoef je bijvoorbeeld voor kaartinfo niet mee te nemen, maar als je het hele kozijn weghaalt, heb je ineens wel een gat. De kunst is het zo slim te doen dat de ene databron automatisch naar de andere kan verlopen. Bij het project in Delft is dit gebeurd door de data over de fysieke stationsconstructie, verzameld tijdens de ontwerp- en bouwfase, te vertalen naar rechten in 3D.

Met de nieuwe manier van inschrijven zijn niet alle problemen uit de platte wereld ondervangen. De 3D-pdf die komende maandag bij het kadaster wordt gedeponeerd is nog steeds indicatief. Je kunt er geen rechten aan ontlenen, zegt Stoter. ‘Maar de exacte data die erachter liggen, worden ook opgeslagen. Daaruit is de precieze informatie te bepalen.’

de Volkskrant, 14-03-2016

foto’s door Harry Cock